zomergroet prov zeeland

Altijd voldoende horeca personeel

‘Het vullen van vacatures lukt wel, maar deze worden niet gevuld met alleen maar mensen uit Zeeland.’
 
In de zomergroet van het Aanvalsteam Arbeidsmarkt komt Bas Remie aan het woord, eigenaar van De Botanist aan Zee en De Botanist in Breda. Bas biedt zijn personeel diverse aantrekkelijke secundaire arbeidsvoorwaarden, om zo personeel te behouden. Voor het personeel uit Breda heeft hij bijvoorbeeld vier personeelsauto’s en een woning in de buurt van de strandtent ter beschikking.
 
Naast Bas zijn er meerdere Zeeuwse ondernemers die al lange tijd zoeken naar creatieve oplossingen voor de krapte op de arbeidsmarkt. Het Aanvalsteam Arbeidsmarkt heeft al veel mooie voorbeelden voorbij zien komen en is trots op de manieren waarop werkgevers elkaar weten te vinden en inspireren, onder andere bij het HR Netwerk Zeeland.
 
Benieuwd naar het gehele interview met Bas? Lees dan de zomergroet via:

uitgerust op vakantie

Ontspannen op vakantie: 8 tips voor startende ondernemers

Denk je dat je als startende ondernemer geen tijd hebt om rust te nemen? Think again. De kosten van overbelasting zijn veel hoger dan een weekje ontspannen. Ikgastarten.nl geeft 8 tips zodat jij ontspannen op vakantie kunt.

1. Rust is véél goedkoper dan overbelasting

De grootste valkuil voor een startende zzp'er of ondernemer is om vakanties de eerste tijd maar achterwege te laten en continu door te werken. Er is alleen één nadeel: ook het lichaam van de ondernemer heeft af en toe rust nodig. De kosten van overbelasting (ziekte, minder kwaliteit, verlies van klanten) zijn veel hoger dan even een weekje unplugged.

Met name de eerste keer dat je als ondernemer een (lange) vakantie plant, is dit een spannende aangelegenheid. Je bent immers onmisbaar en hoe moet dit nu met nieuwe opdrachten?

Lees hier het gehele artikel


'Mkb-bedrijven zijn onvoldoende beschermd tegen cyberdreiging via ChatGPT'

ChatGPT maakt het voor kwaadwillenden makkelijker om zich bezig te houden met cybercrime. Door de snelheid waarmee dit op grote schaal mogelijk is, zal de frequentie van cyberaanvallen naar verwachting gaan toenemen. Dit is een zorgelijke ontwikkeling en met name problematisch voor mkb-bedrijven. Onderzoek op onderzoek laat zien dat het MKB onvoldoende beschermd is tegen cybercrime.

Zo is ChatGPT in staat om phishing mails te maken die niet van echt te onderscheiden zijn. Ook kan de chatbot de benodigde informatie verschaffen die nodig is om op een basic level malware of virussen te ontwikkelen.

Het gebruik van artificiële intelligentie (AI) is niet nieuw in de wereld van cybercrime. De georganiseerde zware cybercriminelen gebruiken al langer AI om op een geavanceerde en schaalbare manier bedrijven aan te vallen. Deze aanvallen zijn doorgaans gericht op grotere bedrijven. Dit zorgt ervoor dat zij in veel gevallen veel beter voorbereid zijn dan mkb-bedrijven. De grotere bedrijven hebben een hogere cyberweerbaarheid doordat ze al langere tijd veel investeren in medewerkersbewustzijn en technologische oplossingen.

Naast de breed gedeelde oproep aan de Europese Commissie en regering(en) om AI te reguleren, is het noodzakelijk dat de overheid een actievere rol pakt in het laagdrempelig informeren van mkb-bedrijven over de risico’s van ChatGPT en het voorkomen van cyberincidenten. Daarnaast zijn mkb-bedrijven zelf aan zet door hun medewerkers extra te trainen op cybersecurity awareness en hun IT-netwerk zo in te richten dat het minder kwetsbaar is voor phishing. Ook zijn oplossingen nodig die het mogelijk maken om een door AI gemaakte tekst te herkennen. Momenteel staat de ontwikkeling van dergelijke oplossingen nog in de kinderschoenen.

 

Bron: ING


Leven Lang Ontwikkelen | ‘Inzetten op ontwikkelen van competenties’

Om de juiste mensen te vinden voor de vele vacatures in Zeeland, is het belangrijk dat werknemers zich blijven ontwikkelen. Het door het Rijk ontwikkelde programma Leven Lang Ontwikkelen (LLO) kan daarbij helpen. Het UWV, onderwijsinstellingen en Arbeidsmarktregio Zeeland spelen hierbij een belangrijke rol.

LLO houdt in dat werknemers zich tijdens hun loopbaan regelmatig bij - of omscholen, om de nieuwste vakkennis te leren of om juist in een heel andere sector aan de slag te gaan. Het is een belangrijk instrument om de problemen op de arbeidsmarkt aan te pakken, vertelt wethouder André van der Reest namens Arbeidsmarktregio Zeeland. “Maar we moeten het samendoen, als overheden, onderwijs, werknemers en werkgevers. Ieder met een eigen belang, maar ook in het belang van de Zeeuwse arbeidsmarkt. Als voorzitter van de Zeeuwse Werkkamer is het mijn taak die processen te faciliteren en partijen bij elkaar te brengen om samen LLO handen en voeten te geven.”

Kennis en kunde
Het UWV speelt daarbij een belangrijke rol, legt André uit. “Het UWV analyseert arbeidsmarktvraagstukken en economische ontwikkelingen in Zeeland. Het zit dan ook in het team, samen met gemeenten en provincie. We maken optimaal gebruik van de kennis en kunde van het UWV en het Leerwerkloket. Zij zijn eerste uitvoerders bij het begeleiden van mensen naar werk. Want het gaat niet alleen om het uitzetten van een koers, maar ook om uitvoeren: concrete adviezen geven aan werkgevers en werknemers die bij hen aankloppen.”

Meer opleidingen
Een andere belangrijke partner is het beroepsonderwijs. Hendrik-Jan van Arenthals, bestuursvoorzitter van Scalda, ziet LLO als een manier om mensen het beste uit zichzelf te laten halen: “Of mensen nu langs de kant staan, lang niet meer zijn bij geschoold of iets anders willen doen: wij bieden de mogelijkheden om eruit te halen wat erin zit.” Daarnaast is LLO belangrijk voor het onderwijs in Zeeland, zegt Hendrik-Jan. “Scalda en HZ zijn de belangrijkste beroepsopleiders. Als wij een opleiding niet meer aanbieden, worden mensen in Zeeland niet langer in die richting geschoold. Door onderwijs aan te bieden aan meerdere groepen, kunnen we meer opleidingen in stand houden. De opleiding voor onderhoud aan windturbines verzorgen we bijvoorbeeld niet alleen voor onze studenten, maar ook voor medewerkers van Ørsted. En via onze mbo richting Zorg & Welzijn scholen we bijvoorbeeld medewerkers in de kinderopvang bij.”

Maatschappelijke ontwikkelingen
Het LLO-team focust op sectoren waar veel vraag naar medewerkers is, vertelt André. “Ons kennis- en informatieplatform ArbeidsmarktInZicht.nl doet onderzoek naar de arbeidsmarkt. Met die data kunnen we onze middelen zo gericht mogelijk inzetten.” Hendrik-Jan: “Daarnaast kijken we ook naar maatschappelijke ontwikkelingen, zoals de energietransitie en klimaatvraagstukken. De Energycampus en het Delta Climate Center dat we aan het ontwikkelen zijn, krijgen ook een LLO-component. Want als we nieuwe terreinen ontdekken en nieuwe beroepen creëren, moeten wij daar ook mensen voor opleiden.”

Veerkrachtig
“Samen met onze partners hebben we afgesproken dat één van de speerpunten is om te werken aan een veerkrachtige arbeidsmarkt. Zo willen we inspelen op veranderingen in vraag en aanbod”, zegt André. “We willen graag dat iedereen mee kan in de ontwikkelingen die gaande zijn. Van digitalisering en AI tot internationalisering. Ook mensen die moeite hebben met taal en digitale vaardigheden of mensen die andere beperkingen ervaren.” Ondertussen is het belangrijk om aandacht te houden voor ieders talenten en vaardigheden. Van Arenthals vult aan: “En daar hoort nog een nieuwe doelgroep bij: voortijdige schoolverlaters. Die zijn er sinds de coronatijd veel meer. Voor een groot deel zijn dat jongeren die hun opleiding hebben afgebroken om te gaan werken. We zouden voor die mensen afspraken willen maken voor een LLO-traject. Op die manier kun je schoolverlaters toch een goede vorming geven.”

Investeren in de toekomst
En ondernemers in Zeeland moeten zelf aan de slag om hun werknemers de kans te geven bij te leren. “Investeren in je werknemers en in innovatie, is investeren in de toekomst van je bedrijf”, zegt Hendrik-Jan. “Daarmee kun je als ondernemer de uitdagingen die op je afkomen beter aan. Investeren in opleidingen helpt ook om je te profileren als aantrekkelijke werkgever.” “We moeten ons wel realiseren dat niet iedereen naar zichzelf kijkt als iemand die zich kan blijven ontwikkelen”, geeft André aan. “Het is een verantwoordelijkheid van de overheid en van werkgevers om werknemers daarin te begeleiden.” En van het onderwijs, vindt Hendrik-Jan. “Dat proberen wij onze studenten ook bij te brengen: het stopt niet als je straks een diploma hebt. Want als het ooit eens minder gaat, ben je de eerste die eruit vliegt als je je niet hebt ontwikkeld. Er is op dit moment zoveel gaande, met de energietransitie, informatisering en robotisering, daar moet je mensen op voorbereiden. Daarom moeten we inzetten op competenties: wat heb je nodig om het te redden in de veranderende samenleving? Dat is straks belangrijker dan welke opleiding je hebt.”

www.uwv.nl | Goes


Persbericht Yara Sluiskil B.V.

Chemiebedrijf Yara wil in 2030 1,5 megaton minder CO2 uitstoten

Yara Sluiskil, de grootste producent van meststoffen en AdBlue in Nederland en Europa, wil op korte termijn de CO2-uitstoot van haar fabrieken verder reduceren met 1,5 Mton. De fabriek stootte in 1990 nog 5,2Mton broeikasgassen uit. In 2020 was dat 3,3Mt en binnen enkele jaren moet dat 1,8Mt zijn. Belangrijke kanttekening is dat 1,4Mt niet in Sluiskil de lucht ingaat, maar bij gebruik van producten zoals CO2 in frisdrank en bier. De daadwerkelijke uitstoot in Sluiskil bedraagt dan nog zo’n 0,4Mt ten opzichte van 5,2Mt in 1990. Als Yara deze ambitie waarmaakt betekent dat in Sluiskil ruim 90 procent minder broeikasgassen worden uitgestoten in vergelijking met 1990, terwijl het verladen volume met 60 procent groeide.

Yara wil daarnaast de stikstofuitstoot met minstens 20 procent verminderen ten opzichte van 2020. In 2018 halveerde de fabriek in Sluiskil haar stof- en ammoniakemissie al door het vervangen van een oude fabriek door een nieuwe. Yara Sluiskil wordt ook gezien als cruciale systeemspeler die het aan te leggen waterstofnetwerk en ook het elektriciteitsnet kan balanceren door flexibel waterstof af te nemen. De capaciteit van de reusachtige fabrieken is enorm en biedt kansen voor het ontwikkelen van waterstof. Bovendien beschikt het Noorse Yara over veel kennis en heeft ruime ervaring met het produceren, opslaan en transporteren van waterstof in de vorm van ammoniak. Naast blauwe en groene waterstof die de belangrijkste bouwstenen zullen blijven, zet Yara in Sluiskil ook in op circulaire meststoffen. Deze ontwikkelingen staan nu nog in de kinderschoenen, maar bieden perspectief voor nieuwe markten. Deze en andere afspraken heeft het bedrijf gemaakt met de overheid en vastgelegd in een EoP (Expression of Principles) die vandaag is ondertekend door demissionair minister Micky Adriaansens (Economische Zaken en Klimaat), demissionair staatssecretaris Vivianne Heijnen (Infrastructuur en Waterstaat), Michael Schlaug (algemeen directeur Yara Sluiskil), Gijsbrecht Gunter (management lid Yara Sluiskil) en gedeputeerde Jo-Annes de Bat (Provincie Zeeland).

Plannen om minder CO2 uit te stoten
De fabriek in Sluiskil is de grootste van het Noorse concern en ook de grootste meststoffen productielocatie in Noordwest-Europa die zekerheid biedt voor voldoende gezond en betaalbaar voedsel. Europa is nu afhankelijk van import van meststoffen, met name uit Rusland en Wit-Rusland. Strategische autonomie is belangrijk om niet teveel op anderen te hoeven leunen voor cruciale producten zoals meststoffen, AdBlue en CO2. De meststoffen worden wereldwijd gebruikt in precisielandbouw, maar zijn ook terug te vinden in kleinschalige producten die via de handelsketen tot in tuincentra te vinden zijn. Naast meststoffen maakt Yara in Sluiskil een grote hoeveelheid AdBlue, die stikstofuitstoot van dieselmotoren voorkomen. Dit product wordt voornamelijk binnen Europa afgezet. Zonder AdBlue zou de logistiek grotendeels stilstaan, want een moderne dieselmotor functioneert niet zonder deze stikstofremmer. Een minder bekend product is CO2, wat vrijkomt als bijproduct bij het maken van waterstof en ammoniak. CO2 vind je terug in de bubbels van bier en frisdrank, maar wordt ook gebruikt in de glastuinbouw als groeistof. Andere toepassingen zijn gebruik in de farmaceutische sector, het conserveren van voedingsmiddelen of koffie-extractie.
Vanwege haar enorme omvang behoort Yara Sluiskil bij de grootste uitstoters van CO2 in Nederland, ondanks dat het bedrijf tot de top van de wereld behoort als het gaat om de milieu footprint per kilo eindproduct. Elke seconde van het jaar wordt maar liefst 160 kilo product gemaakt in de vestiging in Sluiskil, waarmee wereldwijd 40 miljoen mensen gevoed worden en in heel Europa twee keer de jaarlijkse NOx uitstoot van Nederland wordt gereduceerd. Yara heeft ambitieuze plannen om haar uitstoot nog verder te verminderen. In 2030 wil het bedrijf 1,5 megaton minder CO2 uitstoten, dat is een extra reductie van 0,3 megaton bovenop het Nationale Klimaatakkoord dat al ambitieus is.
Yara Sluiskil wil de klimaatplannen grotendeels voor eind 2025 realiseren en op dit moment zit het al ruimschoots onder het scherpe nationale CO2-reductiepad. Dat betekent dat in de periode 2020-2030 maar liefst 5 miljoen ton CO2 minder wordt uitgestoten dan wanneer het nationale reductiepad bewandeld zou worden. Door de grootschalige plannen van het Noorse bedrijf is sprake van additionaliteit èn versnelling.

Om dat te bereiken gaat Yara de pure CO2 die bij de productie vrijkomt en die niet als grondstof kan worden verkocht, opslaan in lege gasvelden in Noorwegen. Deze techniek heet Carbon Capture and Storage (CCS). Dit wil Yara al in 2025 gaan toepassen, waarmee het meteen het eerste en grootste grensoverschrijdende CCS project in Europa is. Noorwegen heeft al meer dan 25 jaar ervaring met de opslag van CO2 en de Noorse overheid heeft ambitieuze plannen om met de technologie snel en effectief de CO2 uitstoot naar de atmosfeer te voorkomen. De waterstof die op deze manier wordt gemaakt is gedecarboniseerd en wordt blauwe waterstof genoemd. De CO2 wordt vloeibaar gemaakt in Sluiskil en per schip naar Noorwegen vervoerd. Yara heeft in Sluiskil al ruime jaar ervaring met het afvangen, vloeibaar maken en verschepen van CO2. De schepen worden uitgerust met walstroom.

CCS is een snelle en effectieve manier die CO2 reductie garandeert. Parallel zet Yara Sluiskil in op groene waterstof. Dat is waterstof die gemaakt wordt door water te splitsen met wind- of zonnestroom. Deze technologie – die elektrolyse wordt genoemd – is niet nieuw voor het bedrijf, want tot begin jaren ’90 had Yara een grote elektrolyse fabriek in het Noorse Glomfjord die waterkracht als energiebron gebruikte. Na ruim 30 jaar pakt Yara deze technologie weer op in samenwerking met strategische partners. Er liggen nieuwe marktkansen voor groene ammoniak en het Europese beleid stuurt hierop aan. Hoewel Yara verwacht dat groene waterstof in Sluiskil pas na 2035 grootschalig beschikbaar zal zijn, werden de ammoniakfabrieken in de achterliggende onderhoudstops al gereed gemaakt om rechtstreeks groene waterstof in te nemen tot een bepaald volume. In 2018 was Yara samen met Dow en Gasunie de eerste die een loze aardgasleiding in gebruik nam voor waterstoftransport. In 2026 wil Yara een grootschalige connectie met de waterstof backbone en kan daarin een bufferfunctie vervullen als flexibele afnemer. Het CCS project borgt te allen tijde dat er geen CO2 wordt uitgestoten, ook niet als er onvoldoende groene waterstof beschikbaar is.

Een derde spoor dat Yara Sluiskil heeft om haar CO2 uitstoot te verminderen is het toepassen van nieuwe technologie om energiebesparing te realiseren, lachgas te reduceren en machines te elektrificeren. Ook de uitbreiding van uitkoppeling van restwarmte is een optie. Sinds 2009 levert Yara al grootschalig restwarmte en rest-CO2 aan de naastgelegen 125 hectare glastuinbouw. Een aantal van de projecten zijn inmiddels al gerealiseerd wat geresulteerd heeft in 150.000 ton CO2 reductie.

Verbeteren leefomgeving
Het bedrijf wil de uitstoot van alle stikstofhoudende stoffen met minstens 20% verminderen en daarmee de leefomgeving verbeteren. Het gaat om vermindering van zowel ammoniak, stikstofhoudend stof en NOx. In 2018 realiseerde Yara al een halvering van de ammoniak en stikstofhoudende stof uitstoot door een fabriek te sluiten en een nieuwe in bedrijf te nemen. Deze investering was het resultaat van een convenant dat eerder was afgesloten met een milieu-organisatie. Yara investeerde de laatste jaren sowieso veel in nieuwe fabrieken. Sinds 2011 werd door de Noren een miljard euro geïnvesteerd in nieuwe installaties in Sluiskil.

Daarnaast recyclet Yara momenteel 30% van het water wat tijdens het productieproces wordt gebruikt door deze reststromen te gebruiken als grondstof en er opnieuw schoon water van te maken. Het bedrijf heeft een Roadmap opgesteld om nog meer water te hergebruiken, om de water footprint te verlagen. Dat betekent ook dat gekeken wordt hoe minder warm water van het productieproces in het kanaal van Gent naar Terneuzen terecht komt, wat ook weer een verbetering is van de waterkwaliteit en daarmee de leefomgeving.

Steun overheid en vervolgstappen
De overheid gaat samen met Yara onderzoeken wat de knelpunten voor verduurzaming van het bedrijf zijn en op welke manier de overheid een rol kan spelen om deze weg te nemen, in nauwe samenwerking met regionale en lokale overheden. Dit gaat bijvoorbeeld om het aanleggen van de nodige waterstofinfrastructuur, het ondersteunen van innovatieprogramma’s om circulaire producten te ontwikkelen en het creëren een level playing field wat de afzet van groene producten in de markt mogelijk maakt.

De intentieverklaring is een belangrijke stap om tot concrete en bindende maatwerkafspraken te komen tussen de overheid en Yara, om sneller minder CO2 uit te stoten en bij te dragen aan een gezonde en veilige leefomgeving. Deze plannen worden concreter en gedetailleerder uitgewerkt in de Joint Letter of Intent, die beoordeeld wordt door de onafhankelijke Adviescommissie Maatwerkafspraken Verduurzaming Industrie. Vervolgens worden de plannen vertaald in de bindende maatwerkafspraken.


Colsen: Zeeuws Familiebedrijf van het Jaar

Ze hadden duurzaamheid al als belangrijkste focus nog ver voordat het woord duurzaam bestond. In 2001, toen nog niemand het woord circulair in de mond nam, wonnen ze de milieuprijs door het ontwikkelen van technologie om afval als biomassa voor energieproductie in te zetten. Als één bedrijf het verdiende om dit jaar genomineerd te worden voor Zeeuws Familiebedrijf van het Jaar, thema duurzaamheid, was het Colsen wel. En ze wonnen.

Medeorganisator Baker Tilly was blij om te zien dat Colsen, een van hun klanten, zich voor de verkiezing inschreef. “Duurzaamheid zit echt in  hun genen”, vertelt Michael Kloet, Director MKB Accountancy. En daarmee raakt hij haast letterlijk de kern van Colsen. “Mijn vader, Joop, begon in 1989 met waterzuiveringstechnologie en zag al snel dat dit duurzamer kon door hergebruik van afvalstoffen als grondstof”, vertelt directeur Boris Colsen. “Vanaf dat moment hebben we altijd ontwikkeld vanuit de gedachte: kunnen we iets nuttigs doen met het afval van de klant? Eerst ging dat om water, later ook om biomassa.”

Missie
Nog steeds is dit de kern van het familiebedrijf. Hun missie: het creëren van positieve milieuimpact. Dat werd in mei dus beloond met de titel Zeeuws Familiebedrijf van het Jaar. Hoe dat voelt? “Trots”, reageert Boris op de vraag die hem de afgelopen weken al honderd keer is gesteld. “Ik ben vooral blij voor onze medewerkers. Dat zij de erkenning krijgen voor wat we doen als familiebedrijf.”

Eén ding: de portemonnee
Colsen is ook een écht familiebedrijf, met de tweede generatie aan het roer, korte lijntjes, een duurzame lange termijn visie en nog dagelijks gezellige gezamenlijke koffiebreaks. “Daar hechten we veel waarde aan en het is mooi dat de bijzonderheid daarvan nu ook wordt benadrukt door deze titel.”

Aanboren onbenut arbeidspotentieel
De nadruk lag in deze editie vooral op het duurzame karakter van het bedrijf, maar in de vroege jaren stond nog niet iedereen om milieuredenen om de oplossingen van Colsen te springen. “In de beginjaren was duurzaamheid nog geen ding. Er was geen regelgeving, er waren geen subsidies. Dan telt één ding: de portemonnee. Daarom zijn we altijd al gericht op total cost of ownership. De investering moet zich terugverdienen.”

Voorop in technologie
Waar Colsen zich eerst bewees in de voedingsmiddelenindustrie, breidde het bedrijf zijn diensten ook uit naar waterschappen en biogascentrales. “In Nederland is er inmiddels al veel geregeld qua waterzuivering, maar in het buitenland zijn er nog grote stappen te zetten. We starten nu bijvoorbeeld in India waar waterzuivering nog maar net in ontwikkeling is. Dat gaat de komende jaren een enorme vlucht nemen. Met onze technologieën kunnen we daar
meteen aan de slag. Zo was het jaren terug ook met biogascentrales. De techniek hadden we al, dus we konden er meteen op inspringen.”

Oplossing voor stikstofprobleem
Colsen staat op diezelfde manier nu te trappelen om de tanden in het stikstofprobleem te zetten. “Sinds tien jaar zijn we bezig met oplossingen voor de mestverwerking in de agrarische sector. Inmiddels hebben we die gevonden. We kunnen stikstof uit afvalwater en biomassastromen halen en er vervolgens duurzame kunstmestvervangers van maken.”

Eureka!
Je zou zeggen, Eureka! Gaan met die banaan! Maar zo eenvoudig is het niet. “We zouden diverse mestverwerkingsinstallaties in Zeeland kunnen plaatsen waar boeren hun mest kunnen aanbieden. Maar daar zijn natuurlijk grote investeringen mee gemoeid. Provincie Zeeland staat er positief tegenover om hiervoor subsidies te verstrekken, maar zij staan in de wacht. Zolang er geen landbouwakkoord is, wordt de beschikbare 25 miljard nog niet vrij gegeven.”

Genoeg omhanden
Voorlopig heeft Colsen op zijn zachtst gezegd nog wel genoeg omhanden om zich goed bezig te houden. “De markt in Nederland is voor onze technologieën relatief klein, dus we doen de meeste zaken in het buitenland. Dat was destijds voor ons ook de reden om voor Baker Tilly als onze accountant te kiezen. Zij hebben de kennis en internationale partners waar we veel aan hebben.” Michael: “Colsen is de specialist in technologie, maar wij denken graag mee hoe ze hun internationale investeringen en bedrijfsstructuren het beste kunnen vormgeven.”

Hier is het veel leuker werken
Internationaal zegt de titel Zeeuws Familiebedrijf van het Jaar natuurlijk niet zoveel. “Zakelijk gezien is de titel inderdaad voor ons niet zo belangrijk, maar hopelijk interesseert het potentiële medewerkers wel. Ze kunnen natuurlijk ook voor een baan bij een groot industrieel bedrijf kiezen, maar bij ons familiebedrijf is het veel leuker werken en met onze innovaties en wereldwijde activiteiten is er uitdaging genoeg. Voor mij en voor veel van onze medewerkers zorgt dat voor de ideale combinatie. De lange termijn dienstverbanden én nu deze titel bevestigen dat ook.”


groepenkast

Hoe onderhoud je een groepenkast in een bedrijfsomgeving

In een bedrijfsomgeving is een goedwerkende groepenkast enorm belangrijk om een veilige en betrouwbare stroomvoorziening te waarborgen. Het regelmatig onderhouden van de groepenkast en alle verschillende soorten installatieautomaten voorkomt storingen, verlengt de levensduur en garandeert de veiligheid van het elektrische systeem. In dit artikel delen we een aantal tips voor het onderhoud van groepenkast. Lees snel verder om meer te weten
te komen.

Plan onderhoud in
Natuurlijk is het mogelijk om zelf zo nu en dan een kijkje te nemen in de groepenkast. Wanneer er iets anders uit ziet kun je hier een notitie van maken en dit melden. Het is echter belangrijk om regelmatig een professionele elektricien in te schakelen. Hij of zij zal de groepenkast controleren. Wanneer dit regelmatig wordt gedaan kunnen problemen vroegtijdig worden ontdekt en verholpen.

Test de aardlekschakelaar(s)
De aardlekschakelaar is een erg belangrijk onderdeel van de groepenkast. Het biedt bescherming tegen lekstromen en elektrocutie. Je kunt de werking van de aardlekschakelaar gemakkelijk testen. Op de schakelaar zit een testknop aangegeven met de letter “T”. Wanneer je wilt testen of de aardlekschakelaar het naar behoren doet, dient deze knop ingedrukt te worden. Wanneer alle achterliggende installaties worden uitgeschakeld, doet hij het! Vergeet na het testen niet om de aardlekschakelaar weer in te schakelen.

Houd de groepenkast schoon!
Naast het controleren of alles het doet, is het belangrijk om de groepenkast goed schoon te houden. Stof, vuil en vocht kunnen de werking van een groepenkast negatief beïnvloeden. Vermijd water of agressieve schoonmaakmiddelen bij het reinigen van de kast. In plaats daarvan kun je de groepenkast onderhouden met een droge doek of een zachte borstel.

Documenteer de onderhoudsactiviteiten
Houd een gedetailleerde documentatie bij van alle onderhoudsactiviteiten die worden uitgevoerd aan de groepenkast. Denk hierbij aan het noteren van de datum, de uitgevoerde werkzaamheden, eventuele opmerkingen en de aanbevelingen van de elektricien. Zo’n logboek helpt bij het bijhouden van de geschiedenis van het onderhoud en kan enorm handig zijn bij inspecties in de toekomst.
Het regelmatig onderhouden van een groepenkast in jouw bedrijfsomgeving is van enorm belang voor een betrouwbare en veilige elektrische  stroomvoorziening. Door het volgen van de hierboven genoemde tips kun je de levensduur van de groepenkast met meerdere jaren verlengen. Ook worden storingen voorkomen en kunnen jullie op kantoor veilig gebruikmaken van het elektrische systeem. Zo kun je zonder enig gevaar gebruikmaken van
je computer en de waterkoker. Werkse!


Jubileum! EDW Autolease rijdt vol energie de toekomst tegemoet.

‘Zakelijke lease voor ondernemers, door ondernemers.’ Dat is de visie waarmee EDW Autolease in 2003 startte. Deze maand markeert een feestelijke mijlpaal voor het familiebedrijf, want ze vieren hun 20-jarig bestaan. Met vier vestigingen en een nieuwe website is EDW Autolease er volledig op gericht om met name zelfstandigen en het MKB te voorzien van leaseoplossingen op maat. Nu en in de toekomst!

Korte terugblik op 20 jaar

In de afgelopen twee decennia heeft EDW Autolease zich landelijk ontwikkeld tot een toonaangevende aanbieder van financial lease. Emiel de Waal startte het bedrijf in 2003 als een eenmanszaak in Maassluis. Met een mentaliteit van schouders eronder en aanpakken heeft EDW Autolease sindsdien grote stappen gezet.

Dit resulteerde in 2012 in de oprichting van vestiging Rijnmond door Cor in ’t Veld. In 2015 werd EDW Finance opgericht, bedoeld voor uitdagende financieringsaanvragen. Datzelfde jaar begon Frank Spillenaar vestiging het Groene Hart, waar Evert de Boer eveneens een vertrouwd gezicht is.

Een echt familiebedrijf

Als familiebedrijf heeft EDW Autolease ruimte gecreëerd voor de volgende generatie. De onderneming hecht veel waarde aan vertrouwen en samenwerking, en het is dan ook geen verrassing dat verschillende zonen van de vennoten nu actief betrokken zijn bij het bedrijf en een belangrijke rol spelen in de landelijke bedrijfsvoering.

Innovatie als belangrijke pijler

Door gezamenlijke inspanningen ontstaan er steeds innovatieve ideeën en heerst er een sterke drive. In 2020 werd een rekentool en lease portaal ontwikkeld, waarmee klanten sneller en beter voorzien worden van een passende lease-oplossing. Dit toont de voortdurende inzet van EDW Autolease om de dienstverlening te verbeteren.

Emiel de Waal zegt hierover: “Bij ons draait het om de klant en niet om de financiering of de auto. Daarom is iedere ondernemer welkom en bedienen wij de totale markt.”

Nieuwe website

In 2023 heeft EDW Autolease een complete re-branding doorlopen. Het logo en de huisstijl zijn vernieuwd, waardoor een uitstraling is gecreëerd die past bij de groei van het bedrijf. De gloednieuwe website biedt gebruiksgemak, toegang tot berekeningen en informatie over diverse leaseoplossingen. Hiermee is EDW Autolease klaar voor de toekomst.


HR Netwerk Zeeland Live: Generatie-management + Zomer-Borrel

Ook binnen jouw organisatie werken mensen van verschillende leeftijden en generaties. Maar wat kenmerkt deze verschillende generaties en hoe werk je optimaal met elkaar samen?

We laten jou je generatiebril opzetten en maken je bewust van de verschillende generaties, kenmerken, verwachtingen en behoeften. Zowel op persoonlijk vlak als op organisatorisch gebied. Samen met andere HR-Netwerk leden ga je -onder begeleiding van de professionele trainers van Careerwise- in gesprek over leuke én lastige onderwerpen die generatieverschillen met zich meebrengen. Je komt erachter waarin je op elkaar lijkt en van elkaar verschilt. Je leert elkaars generatie-afkomst beter begrijpen en dat creëert verbinding. Want als iedereen zijn generatiebril opzet krijg je inzicht in elkaars kwaliteiten!

Op verzoek van de leden staan we dit keer specifiek stil bij samenwerken met en tussen de verschillende generaties op de werkvloer. Maar elkaar ontmoeten en bijpraten staat natuurlijk centraal: dit keer in een zomerse setting bij LIMA-Beach in Goes.

Ben je er ook bij? Meld je aan en zeg het voort!

Programma:
15.00 uur: Inloop
15.15 uur: Aanvang
16.30 uur: Borrel
17.30 uur: Einde

Locatie: Lima Beach, Courtinestraat 16, Goes

Dit gratis event is alleen toegankelijk voor leden van HR Netwerk Zeeland.
Let op: het eventbrite-ticket dat je na aanmelden per mail ontvangt is je toegangsbewijs, vergeet deze niet, als print of op je telefoon.

AANMELDEN VIA DE SITE VAN HR NETWERK ZEELAND:

https://www.hrnetwerkzeeland.nl/

Of rechtstreeks: https://www.hrnetwerkzeeland.nl/agenda/details/e06f6fa5a0108bddb65.html

Graag tot ziens op 29 juni!!


Verdiepend onderzoek naar onbenut arbeidspotentieel in Zeeland

Het is voor werkgevers cruciaal om te weten waar nog potentieel zit in de arbeidsmarkt. In Zeeland wordt dit potentieel al behoorlijk goed aangesproken, maar er liggen nog kansen! Op het platform ArbeidsmarktInZicht is een verdiepend onderzoek over dit onderwerp te lezen. Een aantal conclusies:

  • Het onbenut arbeidspotentieel is in Zeeland relatief klein en, net als in de rest van Nederland, in het afgelopen decennium behoorlijk in omvang afgenomen. Bovendien is driekwart van deze groep niet in beeld van het UWV of gemeenten, waardoor de groep lastig te bereiken is. Het aandeel werkenden in Zeeland dat minder uren wil werken is groter dan het aandeel dat meer uren wil werken.’
  • Het onderbenut potentieel onder de werkenden is laag in sectoren met een relatief krappe arbeidsmarkt, zoals de industrie, bouw en ICT. Vaak zijn dit sectoren waar al veel in voltijd gewerkt wordt en er dus überhaupt weinig rek is in de hoeveelheid werkuren. In de zorg, ook zo’n sector met veel tekorten, wordt juist heel veel in deeltijd gewerkt, maar het aandeel zorgwerkers dat meer uren wil werken is in die sector niet bijzonder groot.

Meer lezen? Bekijk dan de nieuwste editie van de Aanvalsteam Arbeidsmarkt nieuwsbrief: https://voor.zeeland.nl/arbeidsmarkt-juni-2023/.